Op de avond dat in San Siro Milan tegen Barça voetbalde, stond ik langs de lijn bij Geinoord. Zo’n echte novemberavond, heiig, helder en windstil. Het rook naar herfst. Buiten was het aardedonker, dus het kunstlicht beperkte de wereld tot een kaasstolp: het kunstgrasveld. Imponerend was de outfit van Geinoord: witte shirts en witte broek met een associatie aan Real Madrid (jammer van de auberginekleurige kousen). En de tribune was voor een dergelijke wedstrijd goed bezocht. Kortom, alle redenen om een Champions Leage avond over te slaan en te gaan kijken bij een oefenwedstrijd tussen onze mannen en een hoofdklasse team. Bij niet zomaar een club, want de trainer heeft zijn roots liggen bij Geinoord. Sporting trad niet aan in zijn sterkste opstelling. Alex, zoals bekend, drie maanden naar Senegal, Max is nog steeds verzorger, Willem zat geblesseerd op de bank en Maarten was om privéredenen afwezig. Daan, Frank en Bart kwamen de selectie versterken.
Dat mag geen excuus zijn voor de eerste acht minuten van de wedstrijd. Terwijl de witten opgewekt aan het voetballen waren, waren de mannen van Sporting aan het nadenken over de vraag wanneer de wedstrijd echt zou aanvangen. Resultaat: een 2-0 achterstand. Na vijf minuten uit een vrije trap en drie minuten daarna door een aanval van Geinoord die kansloos verdedigd werd. Daarna ontstond een merkwaardig evenwicht. Sporting zakte in, Geinoord kwam op en schoot niet effectief op goal. Onze mannen probeerden voetballend op te bouwen door veelvuldig de keeper te betrekken in het spel. Het kaatsen in de achterhoede om meer ruimte te krijgen voor de pass naar voren, vereist discipline en durf. Helaas verloor regelmatig iemand zijn rust zodat de bal werd ingeleverd of werd uitgeschoten. Meestal volgde bij een volgend balbezit een lange bal. Altijd ziet een pass over 20, 30 meter er leuk uit als hij bijna aankomt, de waarheid was dat praktisch alle lange ballen direct of na één balcontact werden ingeleverd. En Geinoord, het werkte fanatiek over het veld zonder enige daadkracht en leverde de bal regelmatig in. Resultaat bij de rust: een schorre coach en een stiekeme verwachting dat het de tweede helft nog anders zou kunnen gaan. Naar de kantine dan maar. Volgens de aanwezige supporters was de warme chocomel van hoge kwaliteit, zodanig dat drie moeders de tweede helft vanuit de kantine hebben gevolgd en mij na afloop naar de uitslag hebben gevraagd. Ik kijk altijd om mij heen bij een bezoek aan een club. Wat opviel, was dat bij het clubhuis van Geinoord het voetbal in de muren zit. Alles in de kantine was op een mooie manier voetbal gerelateerd, inclusief een aantal ingelijste shirts, waaronder dat van Wesley Sneijder. Er was geen groot Tv-scherm, wel zo’n ouderwetse Trinitron (met zo’n grote puist) maar die stond op zwart, dus echt geen Barça. Dan maar terug naar de tribune waar opeens het uitvak opvallend leeg was. En terecht. Binnen een kwartier stond het 5-0 en werd er niet meer gevoetbald. Het dilemma van de eerste helft was opgelost. Sporting kwam überhaupt niet meer aan opbouwen toe, de coach schreeuwde niet meer en kopjes hingen naar de grond. Is dat nou erg? De coach had tegen een veel sterkere tegenstander een team gezien dat probeerde opbouwend voetbal te spelen in de eerste helft. De toeschouwers van Sporting hadden fijn chocolade gedronken en de spelers van de A1 hadden alle facetten van het voetbalspel geoefend tegen een tegenstander die qua handelingssnelheid en niveau hun meerdere was. En ik, die de thriller in San Siro had gemist? Mijn avond kon sowieso niet meer stuk, ik had namelijk met mijn zoon Willem gewed dat Ajax 9 punten zou halen in de poule fase en hij had gezegd drie. Willem moet zaterdag naar de AH om een krat bier te kopen voor zijn vader, die geen verstand heeft van voetbal. Sommige overwinningen brengen je dagen verder! Paul van der Linden |